chucked it
weggegooid
chucked away
weggegooid
chucked out
weggegooid
chucked back
teruggegooid
chucked in
erbij gegooid
chucked together
samen gegooid
chucked up
omhoog gegooid
chucked down
naar beneden gegooid
chucked aside
opzij gegooid
chucked around
rondgegooid
she chucked her old shoes into the trash.
ze gooide haar oude schoenen in de prullenbak.
he chucked the ball across the yard.
hij gooide de bal over de tuin.
they chucked their plans when it started to rain.
zij schrapten hun plannen toen het te regenen begon.
after the argument, she chucked his gifts out.
na de ruzie gooide ze zijn cadeaus weg.
he chucked his phone on the couch in frustration.
hij gooide zijn telefoon gefrustreerd op de bank.
she chucked a few coins into the fountain.
ze gooide een paar muntjes in de fontein.
they chucked the idea of going out for dinner.
zij lieten het idee om uit eten te gaan varen.
he chucked the paper into the recycling bin.
hij gooide het papier in de recyclingbak.
she chucked her worries aside and enjoyed the moment.
ze zette haar zorgen opzij en genoot van het moment.
they chucked their old furniture before moving.
zij gooiden hun oude meubels weg voordat ze verhuisden.
chucked it
weggegooid
chucked away
weggegooid
chucked out
weggegooid
chucked back
teruggegooid
chucked in
erbij gegooid
chucked together
samen gegooid
chucked up
omhoog gegooid
chucked down
naar beneden gegooid
chucked aside
opzij gegooid
chucked around
rondgegooid
she chucked her old shoes into the trash.
ze gooide haar oude schoenen in de prullenbak.
he chucked the ball across the yard.
hij gooide de bal over de tuin.
they chucked their plans when it started to rain.
zij schrapten hun plannen toen het te regenen begon.
after the argument, she chucked his gifts out.
na de ruzie gooide ze zijn cadeaus weg.
he chucked his phone on the couch in frustration.
hij gooide zijn telefoon gefrustreerd op de bank.
she chucked a few coins into the fountain.
ze gooide een paar muntjes in de fontein.
they chucked the idea of going out for dinner.
zij lieten het idee om uit eten te gaan varen.
he chucked the paper into the recycling bin.
hij gooide het papier in de recyclingbak.
she chucked her worries aside and enjoyed the moment.
ze zette haar zorgen opzij en genoot van het moment.
they chucked their old furniture before moving.
zij gooiden hun oude meubels weg voordat ze verhuisden.
Ontdek vaak opgezochte woordenschat
Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!
Download DictoGo nu