| Third Person Singular | enfeebles |
| Present Participle | enfeebling |
| Past Tense | enfeebled |
| Past Participle | enfeebled |
The illness enfeebled her body, making it difficult for her to walk.
De ziekte verzwakte haar lichaam, waardoor het moeilijk werd voor haar om te lopen.
Years of neglect enfeebled the old building, causing it to collapse.
Jaren van verwaarlozing verzwakten het oude gebouw, waardoor het instortte.
Lack of exercise can enfeeble muscles over time.
Gebrek aan lichaamsbeweging kan spieren na verloop van tijd verzwakken.
The constant stress at work enfeebled his mental health.
De constante stress op het werk verzwakte zijn mentale gezondheid.
A poor diet can enfeeble the immune system, making one more susceptible to illnesses.
Een slecht dieet kan het immuunsysteem verzwakken, waardoor men vatbaarder wordt voor ziekten.
The lack of proper sleep enfeebled her ability to concentrate during the day.
Het gebrek aan voldoende slaap verzwakte haar vermogen om je overdag te concentreren.
The economic crisis enfeebled the country's financial stability.
De economische crisis verzwakte de financiële stabiliteit van het land.
The prolonged drought enfeebled the crops, leading to poor harvests.
De langdurige droogte verzwakte de gewassen, wat leidde tot slechte oogsten.
Her injury enfeebled her dominant hand, affecting her ability to write.
Haar blessure verzwakte haar dominante hand, wat haar vermogen om te schrijven beïnvloedde.
The lack of sunlight enfeebled the plant, causing it to wither and die.
Het gebrek aan zonlicht verzwakte de plant, waardoor deze verdorde en dood ging.
The illness enfeebled her body, making it difficult for her to walk.
De ziekte verzwakte haar lichaam, waardoor het moeilijk werd voor haar om te lopen.
Years of neglect enfeebled the old building, causing it to collapse.
Jaren van verwaarlozing verzwakten het oude gebouw, waardoor het instortte.
Lack of exercise can enfeeble muscles over time.
Gebrek aan lichaamsbeweging kan spieren na verloop van tijd verzwakken.
The constant stress at work enfeebled his mental health.
De constante stress op het werk verzwakte zijn mentale gezondheid.
A poor diet can enfeeble the immune system, making one more susceptible to illnesses.
Een slecht dieet kan het immuunsysteem verzwakken, waardoor men vatbaarder wordt voor ziekten.
The lack of proper sleep enfeebled her ability to concentrate during the day.
Het gebrek aan voldoende slaap verzwakte haar vermogen om je overdag te concentreren.
The economic crisis enfeebled the country's financial stability.
De economische crisis verzwakte de financiële stabiliteit van het land.
The prolonged drought enfeebled the crops, leading to poor harvests.
De langdurige droogte verzwakte de gewassen, wat leidde tot slechte oogsten.
Her injury enfeebled her dominant hand, affecting her ability to write.
Haar blessure verzwakte haar dominante hand, wat haar vermogen om te schrijven beïnvloedde.
The lack of sunlight enfeebled the plant, causing it to wither and die.
Het gebrek aan zonlicht verzwakte de plant, waardoor deze verdorde en dood ging.
Ontdek vaak opgezochte woordenschat
Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!
Download DictoGo nu