| Third Person Singular | moralizes |
| Present Participle | moralizing |
| Past Participle | moralized |
| Past Tense | moralized |
| Plural | moralizes |
he endeavoured to moralize an immoral society.
hij probeerde een onzedelijke samenleving te moraliseren.
mythographers normally moralize Narcissus as the man who wastes himself in pursuing worldly goods.
mythografen moraliseren normaal gesproken over Narcissus als de man die zichzelf verspilt aan het najagen van wereldse goederen.
She tends to moralize about other people's choices.
Ze heeft de neiging om te moraliseren over de keuzes van anderen.
He always moralizes on the importance of honesty.
Hij moraliseert altijd over het belang van eerlijkheid.
Don't moralize, just offer practical advice.
Moraliseer niet, geef gewoon praktisch advies.
It's easy to moralize when you're not in the situation.
Het is makkelijk om te moraliseren als je niet in de situatie zit.
The teacher often moralizes on the value of hard work.
De leraar moraliseert vaak over de waarde van hard werken.
She tends to moralize about people's personal lives.
Ze heeft de neiging om te moraliseren over het persoonlijke leven van mensen.
Stop moralizing and try to understand their perspective.
Stop met moraliseren en probeer hun perspectief te begrijpen.
He likes to moralize on the dangers of procrastination.
Hij houdt ervan om te moraliseren over de gevaren van uitstelgedrag.
Instead of moralizing, let's find a solution to the problem.
In plaats van te moraliseren, laten we een oplossing voor het probleem vinden.
She doesn't like it when people moralize about her life choices.
Ze houdt er niet van als mensen moraliseren over haar levenskeuzes.
he endeavoured to moralize an immoral society.
hij probeerde een onzedelijke samenleving te moraliseren.
mythographers normally moralize Narcissus as the man who wastes himself in pursuing worldly goods.
mythografen moraliseren normaal gesproken over Narcissus als de man die zichzelf verspilt aan het najagen van wereldse goederen.
She tends to moralize about other people's choices.
Ze heeft de neiging om te moraliseren over de keuzes van anderen.
He always moralizes on the importance of honesty.
Hij moraliseert altijd over het belang van eerlijkheid.
Don't moralize, just offer practical advice.
Moraliseer niet, geef gewoon praktisch advies.
It's easy to moralize when you're not in the situation.
Het is makkelijk om te moraliseren als je niet in de situatie zit.
The teacher often moralizes on the value of hard work.
De leraar moraliseert vaak over de waarde van hard werken.
She tends to moralize about people's personal lives.
Ze heeft de neiging om te moraliseren over het persoonlijke leven van mensen.
Stop moralizing and try to understand their perspective.
Stop met moraliseren en probeer hun perspectief te begrijpen.
He likes to moralize on the dangers of procrastination.
Hij houdt ervan om te moraliseren over de gevaren van uitstelgedrag.
Instead of moralizing, let's find a solution to the problem.
In plaats van te moraliseren, laten we een oplossing voor het probleem vinden.
She doesn't like it when people moralize about her life choices.
Ze houdt er niet van als mensen moraliseren over haar levenskeuzes.
Ontdek vaak opgezochte woordenschat
Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!
Download DictoGo nu