| Third Person Singular | unclothes |
| Present Participle | unclothing |
| Past Tense | unclothed |
| Past Participle | unclothed |
snow robing fields and gardens. unclothe
sneeuw bedekt velden en tuinen. uitkleden
After my gentleman puts down coffee, jumped immediately, unclothe my dress.
Nadat mijn heer zijn koffie neerzet, sprong hij onmiddellijk op, trok mijn jurk uit.
snow robing fields and gardens. unclothe
sneeuw bedekt velden en tuinen. uitkleden
After my gentleman puts down coffee, jumped immediately, unclothe my dress.
Nadat mijn heer zijn koffie neerzet, sprong hij onmiddellijk op, trok mijn jurk uit.
Ontdek vaak opgezochte woordenschat
Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!
Download DictoGo nu